Aandacht voor toegankelijkheid: wat betekent de visiebrief cultuurbestel 2029?
Minister Rianne Letschert heeft haar visie op cultuur en een eerste uitwerking van de herziening van het cultuurbestel vanaf 2029 gepresenteerd. De brief is langverwacht, al jaren gaat het over de nodige veranderingen. In de brief kiest zij voor drie hoofddoelen: betere toegang tot cultuur in alle regio’s, vereenvoudiging van het subsidiebestel en een toekomstbestendige culturele infrastructuur. Voor onze sector bevat de brief een aantal relevante aandachtspunten.
Positieve accenten
Het is positief dat de minister in de visiebrief nadrukkelijk aandacht besteedt aan cultuurbeoefening en de waarde van actieve deelname aan cultuur en een sterke culturele infrastructuur in alle regio’s. Ook erkent zij dat gemeenten de belangrijkste investeerders zijn in cultuur en een cruciale rol spelen in het toegankelijk houden van culturele voorzieningen. Dat sluit aan bij de dagelijkse praktijk.
Hoewel de maatregelen in de brief zich beperken tot het cultuurbestel, waar cultuurbeoefening niet direct onder valt, is het mooi om te lezen dat een betere verdeling van de verantwoordelijkheden tussen de overheden het doel blijft.
Concreet neemt zij zich voor:
- Met medeoverheden worden afspraken gemaakt over welke verantwoordelijkheid Rijk, provincies en gemeenten hebben voor de toegang tot cultuur en voor de culturele infrastructuur in hun regio. Hiervoor wordt het Algemeen kader interbestuurlijke verhoudingen cultuur herzien.
- Ik onderzoek mogelijkheden om samen met provincies en gemeenten gerichte investeringen te kunnen doen in regionale infrastructuren. Met provincies en gemeenten ga ik in overleg over welk instrument daarvoor passend is en hoe dit kan worden uitgewerkt.
Via de bestuurlijke afspraken cultuurbeoefening praat Cultuurconnectie met OCW, IPO, VNG en partners mee over de onderlinge verhoudingen en verantwoordelijkheden.
Wat valt op?
De focus van de brief ligt sterk op de organisatie van cultuursubsidies. Veel aandacht gaat uit naar de rol van de rijkscultuurfondsen, de herinrichting van het fondsenlandschap en de verdeling van verantwoordelijkheden tussen overheden.
Opvallend is dat cultuureducatie, cultuurcoaches, amateurkunstondersteuning en actieve cultuurparticipatie slechts beperkt terugkomen in de voorstellen. Terwijl juist deze voorzieningen voor veel inwoners de eerste en meest directe toegang tot cultuur vormen.
Het uitgangspunt dat iedere inwoner toegang moet hebben tot cultuur blijft een hoofddoel. Wij zien daarbij cultuureducatie en cultuurparticipatie als essentiële voorwaarden voor die toegang.
Dit staat niet in de brief, maar wanneer het Rijk samen met gemeenten en provincies werkt aan een toekomstbestendige culturele infrastructuur, is het van belang dat ook voorzieningen voor binnenschoolse en buitenschoolse cultuureducatie, cultuurbeoefening in de vrije tijd, cultuurcoaches en amateurkunst expliciet worden meegenomen. Zij vormen de verbinding tussen inwoners, scholen, verenigingen, makers en culturele instellingen en dragen bij aan een sterke sociale basis.
Vervolg
De brief bevat nadrukkelijk nog geen definitieve besluiten. Voor veel onderdelen geldt dat de plannen nog op hoofdlijnen zijn beschreven. De minister zal haar plannen de komende periode verder uitwerken met medeoverheden, de rijkscultuurfondsen, de Raad voor Cultuur en het culturele veld. Definitieve keuzes worden verwacht in de uitgangspuntenbrief van medio 2027.
Ook bevat de visiebrief ook nog geen nadere informatie over de toekomst van Cultuureducatie met Kwaliteit (CmK). Het ministerie heeft aangegeven dat hierover op een later moment een afzonderlijke uitwerking volgt.
Cultuurconnectie blijft de uitwerking van de plannen de komende jaren volgen en het belang van cultuurbeoefening als de basis van ons culturele ecosysteem onder de aandacht brengen.