Vernieuwd VNG-ringenmodel: culturele voorzieningen horen bij een levendige gemeente
Berenschot heeft een geactualiseerde versie van het VNG‑ringenmodel ontwikkeld, waarin de gemeentelijke culturele infrastructuur opnieuw is doordacht. Het model, dat zijn oorsprong heeft in de jaren negentig, is aangepast aan de huidige culturele praktijk en beleidscontext. Voor onder andere kunstencentra en muziekscholen is deze actualisering relevant: hun positie binnen het gemeentelijk cultuurbeleid wordt explicieter benoemd en scherper gepositioneerd.
Kunstencentra als onmisbare schakel
In het vernieuwde ringenmodel wordt cultuur niet meer uitsluitend benaderd via disciplines, maar via de creatieve cyclus: leren, produceren en presenteren. Kunstencentra en muziekscholen zijn daarin een essentiële schakel in het onderdeel leren, en vormen tegelijk de basis voor amateurkunst, talentontwikkeling en op langere termijn voor professionele cultuur. Daarmee versterkt het model het beeld van kunstencentra als structurele voorzieningen.
Multifunctionele praktijk
Tegelijkertijd laat de praktijk zien dat veel organisaties meerdere functies combineren. Zij beperken zich niet tot cultuureducatie alleen. Het zijn plekken waar wordt gemaakt, geoefend en gepresenteerd. Daarmee overstijgen zij de indeling in afzonderlijke ringen. Multifunctionele organisaties laten juist zien hoe de creatieve cyclus in de praktijk samenkomt en hoe leren, produceren en presenteren elkaar kunnen versterken binnen één organisatie.
Centrumfunctie maakt verschil
Een belangrijk nieuw element in het model is het onderscheid tussen gemeenten met en zonder culturele centrumfunctie. In gemeenten met een centrumfunctie hoort een kunstencentrum of muziekschool bij een breder, vaak ook regionaal aanbod. In gemeenten zonder centrumfunctie is het aanbod doorgaans soberder en sterker gericht op de eigen inwoners. Cultuurbemiddelaars vervullen hierdoor een belangrijke rol in het leer-aanbod.
Dit betekent dat de lokale context bepalend is voor ambitie en schaal, en dat regionale samenwerking nadrukkelijker op tafel komt te liggen, zeker waar gemeenten voor produceren en presenteren zijn aangewezen op elkaar.
Kansen en aandachtspunten
Het vernieuwde ringenmodel biedt daarom duidelijke kansen. Het geeft je een sterker beleidsmatig verhaal richting gemeente en raad: deze voorzieningen “horen erbij” binnen een passend cultuuraanbod. Tegelijkertijd schuilt er een risico in een te strikte toepassing van het model. In gemeenten zonder centrumfunctie kan het worden gebruikt om aanbod af te schalen, terwijl juist daar cultuureducatie van groot belang is voor toegankelijkheid en participatie.
Het ringenmodel is bedoeld als denkkader, niet als checklist. Wat ons betreft ligt de kracht in het vertalen van het model naar de eigen praktijk: laten zien hoe je bijdraagt aan de creatieve cyclus, hoe je lokaal en regionaal van waarde bent, en waarom investeren in cultuureducatie rendeert, in elke gemeente. Download het model hier